________________

19 november 2005
________________

De lepelaar werd op 27 april 2000 op het eilandje bij de Kerklaan geplaatst.
Het beeld verzakte steeds en heeft onlangs een nieuwe stek gekregen op het eilandje bij de Moesstraat.


________________

23 september 2005
________________

Deze heren verzorgen ons plantsoen.
Zij poseerden met plezier, maar ik mag niet het tijdstip erbij vermelden.
Anders begint de baas weer te zeuren.



________________

25 augustus 2005
________________

De Noorderzon is er weer.
Heeft u die prachtige draaimolen 'Manège d'Andréa' al gezien? In 1999 vervaardigd door 30 kunstenaars.
Gauw kijken!

Helaas is er weer een grote wilg omgevallen. Deze keer in vijver 1.

________________

4 juli 2005
________________

Vandaag heeft de gemeente de ganzen aan de Ostadevijver weer gevangen en naar "Het Hemelrijk" gebracht. Tenminste, dat was de bedoeling. Maar 1 gans, Fabrizio, liet zich niet vangen zodat ze hem maar een Ebbingegans als gezelschap gegeven hebben en hem daar gelaten hebben.
De actie is uitgevoerd omdat buurtbewoners klaagden over geluidsoverlast.

________________

30 juni 2005
________________

Dagblad van het Noorden
Rondje Stad - Noorderplantsoen, 30 juni 2005

ROMMEL IS DE SCHLEMIEL
Lief en leed in de plantsoenvijver

De een vindt ze eng, de ander voert ze stukjes brood. De ganzen in het Noorderplantsoen lijken zich niet bewust van hun dubbele status en dobberen schijnbaar onbewogen in het water van de vijvers.
Schijnbaar. Want ook ganzen kennen lief en leed. Een vertelling.


Door Inki de jonge

Iedere kudde heeft zijn schlemiel. En in de kolonie van Jan was het vanaf het begin af aan duidelijk: Rommel was hem. Misschien omdat hij er zo raar uitzag, met
die vlekken die nergens tot een vast patroon leidden. In de Lelievijver wisten alle ganzen het; Rommel was niks. Rommel zou nooit aan de vrouw geraken. Rommel was rotzooi. Leuk om erbij te hebben, maar dan puur ter decoratie.

De kolonie van Jan, Jans, Katrien en de Clown was de enige die hem gedoogde. Jan was onbetwist de baas. Hij deed het zowel met Katrien als met Jans en soms ook met de Clown, hoewel dat wat schemerig bleef omdat de Clown ook een mannetje was. Maar het sprak vanzelf dat Rommel overal met zijn poten vanaf moest blijven.

Met de andere kolonies bemoeiden ze zich niet zo. Er was de commune van Miep, die met haar soortgenoten Martina, Fabrizio, Kees, Mies en Trees een redelijk onbekommerd bestaan leidde. Er was de commune van De Mankpoot, Ada, Manus en Janus. En dan was er nog de Watervreesgans, schlemiel der schlemielen, want die durfde niet te zwemmen, dus die hoorde helemaal nergens bij.

Leuk was het niet in de Lelievijver, voor Rommel. Tijdens het baltsen stond hij er maar vaak een beetje bij te kijken, wachtend op de beurt die niet kwam.

Maar toen kwam De Nacht die Alles Zou Veranderen. Mannen van de gemeente kwamen en namen ganzen mee. Ze plukten ze lukraak uit de bosjes, wie niet snel genoeg wegkwam was erbij. En wie was weer de schlemiel?

Juist.
Rommel werd samen met Katrien, Fabrizio, Mies en Trees in een andere vijver gezet, aan de Van Ostadelaan. Daar zat een autochtone gans eenzaam te zijn en de gemeente dacht dat nieuw gezelschap hem goed zou doen.

Niets was minder waar. Alle ganzen lagen met elkaar overhoop en het werd er zo'n lawaai dat de autochtone gans de wijk nam. Samen met Mies, Katrien en Rommel stichtte hij een nieuwe commune aan het Hoendiep, bij het Alfacollege.

Het goede nieuws: de familie is er uitgebreid met diverse kuikentjes. Het slechte: geen eentje is van Rommel. Want hij mag weer niet meedoen. Toch leidt hij een gelukkig leven: hij heeft het co­ouderschap ontdekt. De hele dag is ome Rommel met de kuikentjes in de weer. Mies en Katrien vinden het prima zo. Want Rommel is een schlemiel. Maar wel een lieve.

Bron: www.anaburen.nl/noorderplantsoen/

________________

26 mei 2005
________________

van onze buitenlandcorrespondent

Katrien heeft 4 jonkies gekregen!
Dankzij het gemeentelijk ganzenbeleid is er nu bij het Alfacollege een nieuwe kudde van 10 ganzen ontstaan.

________________

16 mei 2005
________________

van onze buitenlandcorrespondent

Mies en de Ostadegent die naar het Alfacollege zijn ontsnapt hebben 2 jonkies gekregen.
Katrien zit er nog ergens te broeden.

________________

5 mei 2005
________________

Deze heren wilden ook graag op de foto. Het is tenslotte bevrijdingsdag.

En of ik de foto's misschien naar het slaaphuis zou kunnen brengen.

Natuurlijk.

________________

2 mei 2005
________________

Misschien is het u al wel eens opgevallen: ieder voorjaar komen er weer een paar roodwangschildpadden tevoorschijn in de plantsoenvijvers. Waarschijnlijk zijn ze er gedumpt door mensen die er geen raad meer mee wisten toen ze groter werden.

Tja, het zijn schattige beestjes als ze nog zo klein zijn, maar ze worden zo'n 30 cm groot en ze worden wel 50 jaar oud. Voor je het weet groeien ze uit je bakje en bijten ze je vinger af. Sommige bezitters van deze schildpadden kiezen dan voor de gemakkelijkste weg: hup, weg ermee, de vijver in, waar ze een gevaar vormen voor de aanwezige fauna.
Sinds 1997 is de import van roodwang-
schildpadden dan ook verboden.

Deze kraai probeerde het schild stuk te timmeren met zijn snavel. Daarna stak hij zijn bek als een wig tussen de schilden, ook tevergeefs. Tenslotte ging hij op het schild staan, pakte de kop van de schildpad en begon daar uit alle macht aan te trekken.
De schildpad is daarbij overleden.

________________

22 april 2005
________________


Deze vier jongens wilden graag dat ik een fotootje van hen maakte. Dus dat deed ik.

Toen ik ze twee uur later weer tegenkwam wilden ze alwéér dat ik een fotootje van hen maakte.

Ze hadden een boekje gekocht.






(Jongens, als jullie het oorspronkelijke formaat toegestuurd willen hebben moeten jullie me even melen)

________________

15 april 2005
________________

Laatste wipmededeling: hier klikken.

________________

9 april 2005
________________

Dagblad van het Noorden, zaterdag 9 april 2005




Communes in stadsvijvers
Stadsganzen op drift: ’Zo moeten we het nooit weer doen’

Elf ganzen in het Noorderplantsoen werden onlangs door de gemeente naar de Van Ostadevijver gebracht. Dat pikten ze niet.
Reconstructie van een dramatische scheiding.


Door Inki de Jonge

Het idee is verpletterend van eenvoud: haal elf ganzen uit twee Noorderplantsoenvijvers en zet ze over in een vijver aan de Van Ostadestraat in Kostverloren, waar twee genten (ganzenmannetjes) elkaar zitten te pesten. Eén oplossing voor twee problemen: in de Van Ostadevijver zijn te weinig ganzen en in het Noorderplantsoen is de populatie, volgens de gemeente, aan de grote kant.
Op een nacht in maart verrast de wijkpost dan ook elf ganzen in hun slaap. Zes worden uit de kolonie bij de Ebbingestraat gehaald en vijf uit de vijver nabij de Kerklaan.
Een bliksemactie zonder aanziens des vogels, want wie een gans wil vangen moet snel zijn. Een van de ganzen wordt met inwendige verwondingen en een gebroken poot naar vogelopvang het Hemelrijk gebracht. Hij zal zijn verhuizing niet overleven.
De achtergebleven ganzen zijn daags daarop totaal van slag, zonderen zich af, of zitten elkaar na met laaggerekte halzen. Ganzendeskundige Ana Buren, die de eendvogels in het Noorderplantsoen vrijwel dagelijks observeert, merkt dat de balans ernstig is verstoord. ”Ganzen hebben binnen de kudde hun eigen communes. Sommige koppels die al jaren samen zijn, zijn uit elkaar gerukt. Zonder hun bondgenoten dalen ze in status binnen de groep en worden uitgestoten.”
Ook in de Van Ostadevijver is het raak. Een van de twee agressieve Ostadegenten wordt naar een andere plek gebracht, de andere krijgt gezelschap als troost. Maar de nieuwkomers verklaren elkaar en masse de oorlog. Gezelliger wordt het er niet op in Kostverloren.
Totdat de laatste Ostadegent genoeg krijgt van deze onzalige verhuizing. Hij gaat ervandoor. Drie avontuurlijke plantsoenwijfjes in zijn kielzog. In ganzenpas verlaat het kwartet de vijver, drentelt over het pad langs het spoor, kruist het drukke Hoendiep en duikt aan de andere kant het water weer in. Daar, achter het Alfacollege, wordt het eindelijk rustig.
Saillant detail: de nieuwe commune kan zich er naar hartelust voortplanten. Want de gemeente schudt versgelegde ganzeneieren regelmatig om te voorkomen dat ze uitkomen. Maar het Hoendiep is erg lang. Vind daar maar eens een ei.

’Volgende keer advies vragen’

Ana Buren vindt het betreurenswaardig dat de gemeente in de aanloop naar de ganzenverplaatsing niet heeft gevraagd om haar advies. Dat had volgens haar veel onrust kunnen voorkomen. ”Ik heb er niets op tegen dat er ganzen worden verplaatst, maar het gaat om de keuze. Het was beter geweest als de hele Ebbingegroep was verplaatst.
Dan waren de onderlinge verhoudingen intact gebleven.”
Stadsecoloog Wout Veldstra beaamt dat. ”De ganzen zullen op den duur allemaal wel wennen. Maar we zullen een volgende keer eerst bij mevrouw Buren te rade gaan, want zij heeft gelijk. Wij wisten niets van die communes. Maar we hebben niet de tijd om ze zo goed te observeren als zij doet.”

Ganzenjacht

Stadsecoloog Veldstra zegt dat de uitdijende ganzenpopulatie een jaarlijks terugkerend probleem is. ”Vooral ten zuiden van de stad en in het Stadspark en de Piccardthof.
We hebben de provincie gevraagd een oplossing te zoeken, maar we hebben er tot op heden nog niets over gehoord.”
Volgens provinciewoordvoerder Wim Trip wordt er nog voor de zomer iets bedacht. ”Een mogelijkheid zou zijn om, evenals vorig jaar, het jagen op ganzen tijdelijk mogelijk te maken”, zegt hij. ”Maar het is moeilijk. Ganzen, dat ligt gevoelig. Mensen houden er van of vinden het niks. Er zijn veel tegengestelde belangen in het spel.”

soepgans

De stadsganzen in de vijvers van Groningen worden enigszins oneerbiedig soepganzen genoemd. Dat zijn bastaarden van grauwe ganzen met tamme boerderijganzen. Meer over deze stadsganzen is te lezen op www.anaburen.nl/noorderplantsoen

________________

25 maart 2005
________________

Vandaag ontving ik een e-mail als reactie op mijn klacht (gericht aan het Stadsbeheer) omtrent de werkwijze bij de ganzendeportatie.
Ik werd er eigenlijk weer helemaal vrolijk van.

"In de van Ostadevijver zaten 2 ganzen ( 2 mannetjes) deze hadden ruzie, wat begrijpelijk is."
Het is duidelijk dat de schrijver een man is.

"Toen we deze geplaatst hadden in de v. Ostadevijver voelden ze zich direct thuis, alsdus omwonenden."
Vandaag ben ik nog weer eens bij die vijver gaan kijken. Vanuit de verte hoorde ik het gekrakeel al. De genten waren weer heftig met elkaar in de slag. Toen ik een aan stelletje koutende buurvrouwen passeerde ving ik de volgende woorden op: "We mout'n ze brood met jenever gev'n, dan sloap'n ze goud. De rotbeest'n!".

"Slechts 2 dagen na plaatsing zijn er 4 naar het Hoendiep gewandeld."
Hier viel mijn mond van open. Ik had het dus verkeerd. Ik was ervan uit gegaan dat het wijkbeheer de beesten na de verplaatsing vanuit het Noorderplantsoen naar de Ostadevijver weer ergens anders heen had gebracht.

Ik ben ter plekke gaan kijken. Ik begrijp niet hoe ze hem dat geflikt hebben. Er staan namelijk hekken en ze kunnen niet noemenswaard vliegen. Het is ook een behoorlijke afstand. De enige plek waar ze die drukke verkeersweg hebben kunnen oversteken was direct bij het kruispunt met de N370. Dan zullen ze zich toch niet zo erg thuisgevoeld hebben dat ze een dergelijke heroische daad meenden te moeten stellen. Wat had ik daar graag bij willen zijn! En hoe wisten ze nou dat er water aan de overkant was?

Ik ben het Hoendiep afgelopen en heb bij de woonschepen rondgevraagd: "Zijn hier onlangs ganzen gesignaleerd?"
En jawel: ze zitten met zijn vieren bij het Alfa College.
Dat is nog niet eenvoudig om daar te komen. Met veel omwegen en bordjes 'verboden toegang' heb ik ze uiteindelijk teruggevonden.

Na enige aarzeling komen ze op me afgewaggeld en ik stop stukjes brood in de bek en maak foto's.
Vanuit het schoolgebouw hoor ik gejoel en tikken op het raam. Daar staan de leerlingen met hun neus tegen het raam gedrukt, al giebelend en wijzend.

"Weet u wel dat het hier priveterrein is?" vraagt de beheerder.
"Ja natuurlijk." Dat is toch evident lijkt me, na al die bordjes.
"Heeft u een pasje? Heeft er niemand naar uw pasje gevraagd?"
"Ik weet van niks. Weet u trouwens dat die ganzen uit het Noorderplantsoen komen? En dat ze namen hebben?"
Ik ben eigenlijk best trots op ze.

Ze zijn er helemaal niet blij mee. De ganzen schijten de boel onder en verpesten het gras. De man oppert culinaire mogelijkheden. Er zit daar tenslotte een horeca-opleiding. Hij had graag gezien dat ik ze weer meenam. Maar ik heb een beter idee.
"Wat zou u ervan vinden om ze te vangen en weer terug te zetten in het Noorderplantsoen?"
"Ja, daaaaaggggg!! Ik zou niet weten hoe je die beesten moet vangen. Dat doet u zelf maar."
Watjes zijn het daar op het Alfa College in Groningen.

________________

18 maart 2005
________________

Ik kan het toch niet laten om nog even te zien hoe het met de Noorderplantsoenganzen in
de Ostadevijver gaat. Tot mijn grote verbazing zijn er daar weer 4 ganzen verdwenen: de autochtone gent + 2 vrouwtjes en 1 gent uit de Kerklaangroep. Waar zouden ze die nu weer heengebracht hebben. Wat een gezeul met die beesten!
De overblijvende 7 plantsoenganzen kunnen het niet goed met elkaar vinden. Regelmatig vallen de genten naar elkaar uit.

Terwijl ik nog op mijn hoofd sta te krabben van verwondering over wat de diepere zin van deze nieuwe deportatie zou kunnen zijn komt er een buurtbewoner langs: Rudy Heddema, bestuurslid van de bewonersorganisatie Kostverloren. Hij woont er al 35 jaar dus hij kan mij alles haarfijn vertellen:
Er waren voorheen 2 genten en 1 heel oud wijfje bij de Ostadevijver. Dat vrouwtje werd zó belaagd door de genten dat men haar naar Het Hemelrijk heeft gebracht waar ze nu van een rustige oude dag geniet. De twee overblijvende genten bevochten elkaar en vielen de buurthonden aan (Rudy Heddema moest zijn tekkel met een stok verdedigen), waarop men besloot: óf de 2 genten weg óf er moeten nieuwe ganzen bijkomen.
Er volgde de ganzenroof uit het Noorderplantsoen, de Sabijnse maagdenroof.
"Maar nu zijn er hier weer 4 verdwenen. Waar zijn die dan nu?" wil ik natuurlijk weten.
"Geen idee. Misschien naar het Reitdiep of zo."

________________

12 maart 2005
________________

Vandaag toch maar even bij de de Ostadevijver gegaan kijken.
En ja hoor, daar zit het hele spul: 6 ganzen uit de Ebbingegroep en 4 ganzen (2 genten
en 2 vrouwtjes) uit de Kerklaangroep.
De autochtone gent om wiens geluksgevoel deze hele actie begonnen is heeft direct de twee wijfjes geannexeerd en de genten verjaagd.
De Ebbingegroep bemoeit zich er niet mee.
Die zit de hele tijd op een kluitje in het gras.
Dom voor zich uit te koekeloeren.

________________

11 maart 2005
________________

Een boze mail gestuurd naar Wout Veldstra, de stadsecoloog. Hij heeft het voor me uitgezocht:
"Het volgende is er gebeurd: er waren in de Ostadevijver in Kostverloren maar twee ganzen, allebei genten, die elkaar (uit frustratie en verveling?) voortdurend op de kop zaten. Bewoners maakten zich daar zorgen over. Omdat er in het Noorderplantsoen langzamerhand toch weer een heel koppel was ontstaan, zijn er door wijkbeheer 5 ganzen uit de vijver met het vogeleiland en 5 uit de 'Ebbingevijver' naar de Ostadevijver verplaatst. Daarbij is één van beide mannetjes uit de Ostadevijver (vanwege de vrede) verplaatst naar de 'Boterdiepgroep'. Verder was er in het Noorderplantsoen een gans met een beschadigde (gebroken?) poot, die (tijdelijk) is opgenomen in het Hemelrijk."
En dit o.a. was mijn reactie:
"De ganzen van vijver 2 bestudeer ik al jaren. In tegenstelling tot de Ebbingegroep (waar alle ganzen op elkaar lijken) zijn deze door hun verendek als individuen te onderscheiden. Tot eergister was het een kudde van 15 ganzen die (vooral in de paartijd) uiteenvallen in 3 'communes' die onderling niet zoveel van elkaar moeten hebben.
http://www.anaburen.nl/noorderplantsoen/plaatjes/ganzen/
Ja, ik weet het, ik ben een sentimentele dwaas.
De 5 ganzen die nu weggehaald zijn zijn willekeurig uit de verschillende communes geplukt. Als er daar al 5 ganzen weg moesten zou het toch een stuk diervriendelijker zijn geweest om 1 commune in zijn geheel weg te halen zodat de rest zo min moglijk verstoord wordt. Bij de achterblijvers zijn er nu teveel genten en dat brengt veel onrust met zich mee. Nog beter was het geweest om de 10 ganzen allemaal uit de Ebbingegroep weg te halen. Die groep bestond uit 23 ganzen en ja, die was te groot voor die locatie."

Daar zit ik nou met mijn frustratie. En Wout Veldstra was zo aardig dat ik niet eens iemand aan het kruis kan nagelen.

________________

10 maart 2005
________________

Vandaag merkte ik op dat de ganzen buitengewoon geagiteerd en van slag waren. Ik begreep helemaal niet wat er aan de hand was.
Even later werd het me duidelijk: in de kudde bij vijver 2 misten er ineens 5 ganzen. Mijn conclusie was dat de gemeente Groningen zonder enige ophef en publiciteit ganzen heeft verwijderd, zonder overleg.
Er zijn 3 vrouwtjes en 2 mannetjes (een willekeurige greep uit de verschillende communes) afgevoerd met ingrijpende gevolgen voor de overblijvers.
Ik kan niet anders zeggen dan dat ik dit een misselijke actie vind.
Om een en ander te checken liep ik door naar de kudde van de Ebbingestraat. Daar waren voorheen 23 ganzen. Ik telde er nu nog 17. En ook daar waren de ganzen in rep en roer.

________________

7 maart 2005
________________

En klik hier voor de laatste plaatjes van de sneeuwpret in deze winter.
Helaas, het wordt alweer lente.

________________

6 maart 2005
________________

Klik hier voor fotootjes van de plantsoenvaders. Hoewel ik ook enkele moeders heb gesignaleerd al sleetjerijdend met hun nageslacht zijn het vooral de vaders die het doen. En zie ze plezier hebben! Mannen blijven kinderen.

________________

3 maart 2005
________________

Eindelijk sneeuw in het plantsoen. Klik hier voor een paar fotootjes van kindersneeuwpret.

________________

1 maart 2005
________________

Hoera! Na weken plat doet hij het weer, de wepsait.

________________

16 januari 2005
________________

Het is eerder lente dan u denkt. Zie de wipsait: Ada en Kees
Als u deze pagina nog niet eerder heeft bezocht kunt u voor een beter begrip het beste van onder naar boven lezen.